FEEDBACKFORMULIER

Wij waarderen uw feedback!

FEEDBACK
Dit veld is verplicht
Dit veld is verplicht

* verplichte velden

Gaat de werkloosheid in Utrecht stijgen in 2021?

Belangrijkste inzichten
  • In 2020 is het aantal verstrekte WW-uitkeringen in Utrecht met bijna 25% toegenomen naar 19.900.
  • De grootste stijging binnen Nederland vond plaats in de provincie Noord-Holland en arbeidsmarktregio Groot Amsterdam.
  • Vooral onder jongeren is de werkloosheid sterk toegenomen (102%).
  • Lager- en middelbaar opgeleiden zijn het hardst getroffen, de toename in werkloosheid onder hogeropgeleiden bleef beperkt.
  • De sectoren horeca (216%), handel (29%) en bouwnijverheid (24%) zien de grootste impact van de coronacrisis.
  • Verwacht wordt dat de werkloosheid verder toe zal nemen, maar door de constante ontwikkelingen van de coronacrisis blijven prognoses onzeker. 
Toename ww-uitkeringen met bijna 25%

De coronacrisis en de daarmee gepaard gaande beperkende maatregelen hebben een enorme invloed op de economie. Dit is goed te zien in de werkloosheidscijfers. In alle provincies/arbeidsmarktregio’s nam het aantal lopende WW-uitkeringen in 2020 fors toe. Eind december 2020 verstrekte UWV in Utrecht ongeveer 19.900 WW-uitkeringen, ruim 4.000 uitkeringen meer dan in december 2019. Dat is een toename van bijna 25%.

Ontwikkeling WW-uitkeringen t.o.v. vorig jaar, naar provincie

Noord-Holland blijft op jaarbasis de koploper (48%). Ook in Flevoland en Zeeland steeg het aantal lopende WW-uitkeringen flink: met respectievelijk 32% en 36%. Overijssel kende met net geen 17% de kleinste stijging.

Ontwikkeling WW-uitkeringen t.o.v. vorig jaar, naar arbeidsmarktregio

Arbeidsmarktregio Groot Amsterdam zag de grootste toename in het aantal lopende WW-uitkeringen (56%). Ook in de aangrenzende regio’s Zuid-Kennemerland & IJmond en Zaanstreek/Waterland steeg het aantal flink: met respectievelijk 45% en 47%. De regio die de minste toename had, is de regio Zwolle, met een stijging van ongeveer 10%.

In 2020 sterke stijging onder jongeren

In Utrecht was in alle leeftijdsklassen een toename van het aantal uitkeringen zichtbaar ten opzichte van vorig jaar. Bij de jongeren onder de 27 jaar steeg het aantal WW-uitkeringen verreweg het meest: van ruim 900 eind 2019 naar bijna 1.900 eind 2020. Een toename van meer dan 102%. In Utrecht kenden vooral de lagere en middelbare opleidingsniveaus een sterke stijging van het aantal WW-uitkeringen. De toename van het aantal WW-uitkeringen bij de hbo-bachelor (6%) bleef relatief beperkt en bij de wo-master (-2,1%) daalde het aantal WW-uitkeringen zelfs enigszins.

In Utrecht werden de sectoren Horeca (216%), Handel (29%) en Bouwnijverheid (24%) sterk geraakt door de coronacrisis. De beroepsgroepen Assemblagemedewerkers (171%), Kelners en barpersoneel (167%) en Koks (158%) kenden in 2020 als gevolg van de coronacrisis een relatief sterkte stijging van het aantal WW-uitkeringen in Utrecht.

Toename werkloosheid blijft beperkt

Ondanks de toename van het aantal WW-uitkeringen, lijkt deze op het eerste oog mee te vallen. Verklaring hiervoor is met name de uitgebreide steun- en herstelmaatregelen van de overheid. Het gaat in het bijzonder om de Tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging voor Werkgelegenheid (NOW). Op basis hiervan konden werkgevers met een substantieel omzetverlies als gevolg van de coronacrisis bij het UWV een aanvraag indienen voor een tegemoetkoming in de loonkosten. Hiervoor ontvangen ze een voorschot. Daarmee kunnen zij werknemers, die noodgedwongen minder uren of helemaal niet werken, toch doorbetalen.

Verder leidt de coronacrisis in bepaalde sectoren juist tot meer werk. Voorbeelden zijn de zorg, callcenters (i.v.m. contactonderzoek voor GGD-en), supermarkten, webwinkels, pakketbezorging en distributiecentra. Ook blijkt het bij de ontslagen flexwerkers vaak om studenten en scholieren met een bijbaan te gaan. Mogelijk is ook nog sprake van ‘labour hoarding’: werkgevers die voor de crisis veel moeite moesten doen om bepaald personeel te werven, ontslaan dat niet zomaar.

Ten slotte is sprake van het zogenaamde ‘discouraged worker effect’. Dit is het verschijnsel dat in tijden van crisis mensen (en met name jongeren) de zoektocht naar werk opgeven omdat ze de kans op het vinden van een baan klein achten. Ze worden dan niet meer tot de beroepsbevolking gerekend en komen daarmee ook niet meer in de werkloosheidscijfers tot uiting.

Landelijke doorkijk naar 2021 en 2022

Uit het bovenstaande blijkt dat de werkloosheid weliswaar nog weinig toeneemt, maar dat er allerlei factoren, inclusief de nieuwe lockdown, van invloed zijn op die werkloosheid. Voor het beleid is het van groot belang zo snel mogelijk te weten hoe de werkloosheid zich ontwikkelt om daar gericht op te kunnen inspelen.

Heel recente prognoses van de werkloosheid zijn er momenteel alleen op landelijk niveau. In de Novemberraming 2020 heeft het Centraal Planbureau (CPB) naast een basisraming een ‘start-stop-scenario’ opgenomen. Daarin wordt ervan uitgegaan dat na de tweede golf nieuwe golven volgen en eventuele vaccins nog onvoldoende beschikbaar of werkzaam zijn. Voor de korte termijn (2020 en 2021) is het beeld als volgt:

  • In de basisraming volgt op een krimp van het bruto binnenlands product (bbp) met 4,2% in 2020 een groei van 2,8% in 2021. Het herstel van de Nederlandse economie is daarmee echter nog lang niet volledig: eind 2021 ligt het bbp-niveau nog steeds 4% lager dan geraamd in het voorjaar van 2020 vóór de uitbraak van het virus. In het start-stop-scenario is dat 10% lager. De Rabobank schat overigens in januari 2021 de groei voor 2021 nog wat lager in en gaat uit van een groeipercentage van 1,4%. Voor 2022 verwacht de Rabobank een groei van 3,4%.
  • Doorgaans reageert de arbeidsmarkt met vertraging op productieschokken. Gefaciliteerd door het uitgebreide pakket steun- en herstelmaatregelen van de overheid zijn in 2020 bedrijfsbeslissingen over reorganisaties uitgesteld. Geleidelijk neemt de effectiviteit van het steunbeleid echter af, hoewel de verlenging van de lockdown in januari 2021 ook al weer tot geluiden leidt over nieuwe steunpakketten. Volgens het CPB vertaalt de economische groei in 2021 zich in de basisraming in 2021 niet zozeer in een toename van de werkgelegenheid in personen. Er zal vooral sprake zijn van een stijging van het aantal gewerkte uren per persoon (na een sterke daling daarvan in 2020). In de basisraming loopt daardoor het werkloosheidspercentage verder op van 4,1% in 2020 naar 6,1% in 2021.
    De Rabobank is met een stijging van de wekloosheid tot 5,5% iets optimistischer. Het CPB doet ook nog ramingen binnen een negatiever scenario.  In dat start-stop-scenario zijn bedrijven, als gevolg van achterblijvende bestedingen en geringere bedrijfsomzetten, zo verzwakt dat grootschaliger baanverlies onontkoombaar is. In dit scenario stijgt de werkloosheid tot meer dan 8% eind 2021.

Het CPB kijkt ook verder vooruit. Naar verwachting loopt de bbp-groei op van gemiddeld 0,6% per jaar in 2018-2021 tot gemiddeld 1,5% per jaar in 2022-2025. Daardoor versnelt de stijging van de werkgelegenheid (werkzame beroepsbevolking) van gemiddeld 0,5% per jaar in 2018-2021 naar gemiddeld 1,0% per jaar in 2022-2025. Door het aantrekken van de werkgelegenheidsgroei daalt de werkloosheid van 6,1% in 2021 naar 4,5% in 2025 en bereikt daarmee min of haar evenwichtsniveau.

Regionale doorkijk en impact beleid

De toekomstige ontwikkeling van de werkloosheid in Utrecht zal trendmatig vergelijkbaar zijn met bovenstaand landelijk beeld. Maar toch kunnen er flinke verschillen optreden. Bovendien kunnen naast de ontwikkelingen van de coronacrisis ook andere factoren de ontwikkeling van de werkloosheid sterk beïnvloeden. Dat kan bijvoorbeeld de sterkere aanwezigheid van sectoren die direct onder de lockdown lijden en onvoldoende worden gecompenseerd zijn, maar ook de reactie van de politiek (er moet nu toch echt ook aan de energietransitie worden gewerkt) of het bedrijfsleven (grotere inzet op robotisering en digitalisering om kosten te drukken) zijn. Het is dan ook aan te raden om over informatie voor meer dan één scenario te beschikken.

Prognoses per regio voor verschillende scenario’s kunnen derhalve verschillende beleidsalternatieven onderbouwen. Etil en Panteia hebben veel ervaring met het regionaliseren van landelijke arbeidsmarktprognoses/-scenario’s. In mei 2020 hebben we dit bijvoorbeeld gedaan in opdracht van het Economisch Netwerk Zuid-Nederland (ENZuid) voor heel Zuid-Nederland, de drie zuidelijke provincies en de negen arbeidsmarktregio’s binnen die provincies. Het rapport is te vinden op ArbeidsmarktInZicht. Omdat de Novemberraming van het CPB praktisch gelijk was aan het voor de Zuid-Nederlandse ramingen gehanteerde 2e coronascenario van het CPB van maart 2020, kunnen we nog steeds van dezelfde ontwikkelingen van de werkloosheid uitgaan. De raming van de werkloosheid in Zuid-Nederland voor 2021 bedroeg 5,6%. In 2025 zou de werkloosheid vervolgens weer gedaald zijn tot 5,1%. Ook zijn ramingen van de werkloosheid volgens twee afwijkende scenario’s berekend. Bij extra investeringen in de energietransitie zou de werkloosheid in 2025 uitkomen voor Zuid-Nederland uitkomen op 4,1%. Als daarentegen werkgevers in reactie op de coronacrisis (zoals McKinsey voorspelt) op grote schaal zouden gaan mechaniseren met als doel op arbeid te besparen, stijgt de werkloosheid in 2025 in Zuid-Nederland tot 10,2%.

Het rapport bevat ook ramingen tot 2025 voor het basisscenario, het energietransitiescenario en het technologie/efficiencyscenario van de economische ontwikkeling, de werkgelegenheid, de aantallen vacatures en de aansluiting tussen een twintigtal soorten opleidingen en de arbeidsmarkt.

Vinger aan de pols houden

Hoewel de CPB-ramingen tot nu toe weinig uiteenlopen, maken de crisis en de verschillende reacties erop, het nodig om goed de vinger aan de pols te houden. Nieuwe ontwikkelingen kunnen zomaar het beeld sterk veranderen en daardoor ook leiden tot een andere toekomst. Prognoses brengen deze in beeld.

Vergelijkbare exercities, met de nieuwe prognoses van het CPB als uitgangspunt, zijn ook mogelijk voor andere landsdelen, provincies en arbeidsmarktregio’s. Wie behoefte heeft aan meer inzicht in de regionale situatie van de arbeidsmarkt, kan contact opnemen met Panteia of Etil. Dit kan via de volgende link.

Bronnen

ArbeidsmarktInZicht; 
cbs.nl (2020);
nos.nl (dec 2020);
CPB (2020). Novemberraming 2020;
Etil en Panteia (2020). Doorrekening scenario’s arbeidsmarkt Zuid-Nederland.

POWERED BY

powered by